Weekopdrachten dossier

Simone Vogel (studentnummer 1582882)

Weekopdracht 1. Religie

,,Ergens in geloven? Dat is nooit in me opgekomen…”

Irene Vogel (1962)

,,Vroeger was er niet zo veel bekend over verschillende religies. De mensen waren te druk bezig met de verzuiling. Natuurlijk was ik nieuwsgierig: ik ging een keer naar de kerk, las de kinderbijbel. Toch is het nooit in me opgekomen om ergens in te geloven.

Mijn vader was katholiek gedoopt, maar niet praktiserend. Mijn moeder had geen religie. Het geloof was voor hen niet bepalend in hun leven. Ze lieten mij vrij in mijn keuze. Als ik iets wilde onderzoeken, dan mocht dat. Zo heb ik toen ik tien jaar was de kinderbijbel opgepakt. Het Oude Testament sprak me het meest aan: verhalen over onder andere Noach en Mozes. Helaas was er in die tijd niet veel aandacht voor andere religies. Mensen hadden geen idee dat de wereld kleiner zou worden. De informatie is nu vrijer beschikbaar. Dat vind ik jammer, het zou goed zijn geweest voor mijn algemene ontwikkeling.

Mijn visie op geloof is dat veel mensen het krijgen opgedrongen. Eén van de redenen waarom ik zelf nooit een religie kan toelaten in mijn leven is dat ik meerdere malen mensen heb gezien die niet oprecht omgingen met hun geloof. Zodra ze de kerk uit waren, verdwenen alle goede bedoelingen en intenties als sneeuw voor de zon. Dit is ook de reden dat ik persé niet wilde trouwen in een kerk – dat zou hypocriet zijn geweest.

Ik vind het belangrijk om een goed mens te zijn. De beslissing om niet-religieus te zijn, heb ik niet bewust gemaakt. Ik geloof in eerlijkheid, oprechtheid en vriendschap. Hierin ben ik heel principieel. Wat ik wel geloof, is dat als er “iets” was geweest, dat ik het dan had moeten voelen toen er slechte dingen gebeurden. Zoals ik het zie, sta je er alleen voor in alles.’’

 

,,Eén kwartje voor de Kerk, één kwartje voor mij’’

Koos Vogel (1954)

,,Elke avond voor het eten bid ik. Dan zegen ik het eten. Erna heeft het een meer persoonlijk tintje. Dan ben ik bezig met de mensen die het nodig hebben. De rest moet je zelf doen, bidden doe je ook niet voor jezelf. Je haalt steun uit je karakter en de mensen om je heen.

Mijn ouders waren allebei gelovig. Mijn moeder groeide op in een remonstrants gezin, maar is later Nederlands Hervormd geworden. Mijn vader is altijd Nederlands Hervormd geweest. Ik ben gedoopt. Vroeger moest ik de Bijbel lezen, bidden en naar zondagsschool. Ik kreeg dan altijd twee kwartjes mee. Van één kwartje kocht ik een Mars, het andere kwartje was voor de Kerk. Je moet het eerlijk verdelen, vind ik, en dit was mijn manier om dat te doen. Hoewel ik zondagsschool niet leuk vond, ben ik er achteraf wel blij mee. Het is best nuttige basiskennis om te hebben.

Het geloof is voor mij meer een gewoonte dan een keuze. Het is een stukje respect voor mijn ouders en een stuk respect voor de Bijbel. Toch ben ik niet praktiserend. Buiten het bidden voor het eten – wat ik overal doe, zelfs in moslimlanden in het openbaar -, is het geloof geen onderdeel van mijn leven. Ik wil zelfs niet meer begraven worden.

Ik zou wel Boeddhist willen worden. Nou ja, ik wil eigenlijk niet overstappen, maar als ik een ander geloof zou moeten kiezen, dan koos ik het Boeddhisme. Het geloof is mooi en los, meer toegankelijk. Vooral de laughing Buddha spreekt me aan. Als ik in een Boeddhistische tempel kom, geeft me dat een speciaal gevoel. Toch voel ik me ook verbonden met het geloof van mijn ouders, puur uit respect voor hen.’’

Weekopdracht 2. Jodendom

,,Het liefst zou ik zien dat Aryeh weer naar huis kwam’’

Bij de deur van Aryeh Argaman (28) hangt een Mezoeza. Het is een duidelijk teken van de achtergrond van de joodse jongen, die alleen woont in zijn Amsterdamse appartement. Terwijl we gaan zitten begint hij al te vertellen over zijn geloof. Aryeh heeft het lastig in Nederland. Zijn familie woont nog in Israël, waar hij ook is opgegroeid. Hoewel ze liberaal zijn, blijkt dit begrip in Nederland nog iets verder te worden doorgetrokken.

,,Joods zijn zit in ons bloed. Mijn ouders wonen in het ‘Beloofde Land’, maar ik ben naar Nederland gekomen. Onze voorouders waren ook Nederlands, maar zij konden hier niet meer aarden. Daarom vertrokken ze naar Israël. Ik wilde een andere toekomst opbouwen voor mezelf en hier studeren. Het leek de meest logische keuze om naar Nederland te komen, omdat ik hier mijn roots heb liggen.’’

Mijlenver

Als Aryeh de computer opstart verschijnen zijn ouders in beeld. Ze zitten mijlenver weg, maar zijn door de technologie toch dichtbij. Met Anne en David erbij praten we over wat het geloof betekent voor het gezinsleven. Anne vertelt. ,,Zowel David als ik zijn orthodox opgevoed. Dat was best wel eens lastig, want hoewel we allebei wel overtuigd waren van ons geloof, vonden we het niet nodig dit zo sterk uit te dragen. Toen we eenmaal getrouwd waren, zijn we ons liberaler gaan gedragen. Het belangrijkste gevolg daarvan is dat we ons moderner gedragen dan onze ouders. We gaan meer met de tijd mee en dat moet kunnen.’’

,,Ik voel me niet schuldig dat ik niet meer bij mijn ouders woon,’’ aldus Aryeh. ,,Omdat ze modern in hun geloof zijn, vinden ze het niet erg dat ik nog niet getrouwd ben en snappen ze dat ik mijn geluk ergens anders wilde zoeken. Zij weten dat onze familieband en onze cultuur hetgeen zijn dat ons verbind. Samen naar de synagoge gaan, sabbat vieren en andere joodse feestdagen doorbrengen doen daar niets aan af. Al voel ik me natuurlijk wel eens eenzaam als ik foto’s zie van de familie in Israël met vieringen als Chanoeka.’’

,,Het liefst zou ik zien dat Aryeh weer naar huis kwam,’’ vervolgt Anne. ,,Ik weet dat David nog moderner in het geloof staat dan wij. Toch zou ik het fijn vinden als hij wat vaker naar de synagoge zou gaan. Ik denk dat dat anders zou zijn als hij weer bij ons zou wonen. Maar we houden van ons kind en moeten hem accepteren zoals hij is. Wij blijven zelf wel naar de synagoge gaan. Soms bidden we ook voor zijn terugkomst, maar zolang hij koosjer blijft eten, net als wij, en met enige regelmaat bidt hebben wij er vrede mee.’’

Roots

Aryeh besluit na de emotionele verhalen van zijn moeder het verhaal op een positieve noot af te sluiten. ,,Mijn moeder is de reden dat ik joods ben, dat zal altijd zo blijven. Ik sluit niet uit dat ik op een punt in mijn leven, wellicht als ik wat ouder ben, weer terug ga naar Israël om me meer te verdiepen in ons geloof. Ik wil op een dag in mijn leven mijn joodse roots meer recht aan doen.’’

Weekopdracht 3. Christendom

God houdt zielsveel van je, wist je dat?

Zondagmiddag, de Best Life Church in Utrecht. De zon schijnt door de bladeren op het gezicht van een jongen in een rode polo. Hij komt hier vrijwillig om alle bezoekers welkom te heten. De dienst wordt gehouden in een moderne ruimte. Terwijl de laatste gasten gaan zitten doven de lichten, er volgt een introductie en een groep jonge meiden zingen een meeslepend lied. Het blijkt de start van een hippe kerkdienst die niet alleen meeslepend, maar ook vermakelijk is. Het thema van de dienst: scoren in het nieuwe (kerk)jaar.

Terwijl de bezoekers een plaats kiezen wordt al snel duidelijk welke mensen voor het eerst naar een dienst komen. Ze kijken onwennig om zich heen. De vaste bezoekers pikken dit signaal op en spreken de nieuwe bezoekers aan, om ze wat meer op hun gemak te laten voelen. De moderne zang die volgt op de kennismaking laat de bezoekers loskomen. De meeste mensen steken hun handen in de lucht en zingen mee met de teksten. Ze voelen zich verbonden met God. Door deze emotie lijkt de hele zaal in een hogere sfeer te komen. De vloer trilt licht van de bewegende voeten, het ritme van klappende handen zweept de kerkgangers op en de woorden van de jonge zangeressen zingen door in de oren.

Rookmachine

De Best Life Church is een moderne kerk. De mensen die meewerken aan de diensten zijn jong, rond de 25. De teksten van de muziek en de verzen die worden voorgelezen zijn te zien op een beamer. Discolichten en een rookmachine kleden de ruimte aan, terwijl een grote camera de dienst filmt voor de mensen die er niet bij kunnen zijn. Maar het is niet alleen uiterlijk vertoon bij deze Evangelische kerk. Na een amateuristisch toneelstukje, waarbij voetballers na het geloof te hebben gevonden letterlijk scoren, volgt de preek. Pastoor Paul van der Boom neemt rustig de tijd, zonder langdradig te worden.

,,God wil dat je succesvol bent. De Heer zal u altijd de eerste plaats laten bekleden en nooit de laatste. Het is léuk om met God te leven, superleuk! Want God houdt zielsveel van je, wist je dat? Zeg het maar tegen de persoon naast je: dat God van hem of haar houdt.’’ Op dit moment kijken de bezoekers elkaar aan en spreken de magische woorden: God houdt van jou. Bernadette, een vrouw van in de vijftig, kijkt het meisje naast zich vragend aan na deze uitwisseling. ,,Geloof je wat je zegt,’’ aldus Bernadette, terwijl ze haar indringend aankijkt. De ogen van het meisje schieten heen en weer. Terwijl ze naar haar schoenen kijkt mompelt ze een vaag excuus.

Kraaien

De tegenstelling tussen trouwe bezoekers die hun handen in de lucht steken om zich verbonden te voelen met hun Schepper en nieuwe bezoekers die onwennig om zich heen kijken, blijkt exemplarisch voor de dienst. Het verschil tussen jong en oud, hippe elementen met een ouderwetse preek en laagdrempeligheid qua taalgebruik tegenover hoogdravendheid in het geloof. Paul van der Boom: ,,Jij bent zoveel meer waard dan vogels, zoals bijvoorbeeld kraaien. Zelfs dáár zorgt hij voor. Waarom zou hij dan niet voor jou zorgen?’’

De Best Life Church is een moderne kerk. De mensen binnen de kerk doen er alles aan om nieuwe bezoekers zich welkom te laten voelen. De laagdrempeligheid in het taalgebruik draagt hieraan bij. Een persoon die ‘zoekende’ is kan zich hier snel thuisvoelen. Toch zijn er lichte tegenstrijdigheden. Er wordt gesproken over tolerantie en naastenliefde, maar tegelijk geeft de pastoor aan dat mensen beter zijn dan vogels. De kerk kan een veilige haven bieden voor personen die dichter bij God willen komen, maar voor buitenstaanders is te sfeer wellicht te intens.

Weekopdracht 4. Islam

,,Als je echt bij de samenleving wilt horen, moet je je hoofddoek afdoen”

De namen in dit stuk zijn om persoonlijke redenen gefingeerd

Nesrin en Ali kijken naar elkaar met hun donkere ogen. Ze zijn geen familie, maar in hun gezicht is dezelfde pijn te lezen. Ze kennen elkaar niet, maar voelen hetzelfde, delen een geschiedenis. Terwijl ze slokjes van hun muntthee nemen komt het gesprek op gang. Ze zijn beide moslim, vluchteling en Nederlander, maar toch heel verschillend.

,,De Taliban zat achter mijn vader aan,’’ aldus Nesrin. ,,Van de ene op de andere dag raakten we alles kwijt: ons huis, spullen zekerheid. We hebben alles achter moeten laten in Aghanistan. Een buurman is nog snel ons huis in geweest om een paar waardevolle spullen mee te nemen. Het is alles wat we nog hebben van die tijd. Zelf konden we niet meer terug naar ons huis. Ze hadden onze families en buren gevraagd op ons te letten om ons aan te geven. We zaten als ratten in de val.’’

Ali knikt begrijpend. ,,In Iran voelden we ons niet langer veilig. De omstandigheden waren slecht. We hadden niet genoeg te eten en mijn ouders wilden mijn broers, zus en mij een betere toekomst geven. We zijn gevlucht naar Nederland en hebben ook veel achter moeten laten. Het is alsof je in het diepe springt, zonder te weten wanneer je weer vaste grond onder je voeten zult voelen.’’

Hoofddoek

Zowel Ali als Nesrin studeert medicijnen. Nesrin doet dit om uiteindelijk weer terug te kunnen naar haar geboorteland. ,,Ze hebben me daar harder nodig dan hier. Ik kan daar echt een verschil maken.’’ Dat ze dan haar hoofddoek weer moet dragen, vindt ze niet erg. ,,Toen ik in Nederland kwam droeg ik ook een hoofddoek. Mijn moeder zei al snel: ‘als je echt bij de samenleving wilt horen, moet je je hoofddoek afdoen’. Dat vond ik heel dapper van haar, want ze is ouderwets. Het niet dragen van een hoofddoek zorgde ervoor dat ik me snel meer ‘Hollander’ voelde.’’ Ali denkt hier anders over. ,,Mijn moeder en zus dragen een hoofddoek omdat ze trots zijn op waar ze vandaan komen. Het afdoen van hun hoofddoek zou hetzelfde zijn als het afwijzen van hun islamitische achtergrond. Alleen omdat je in Nederland woont, hoef je je roots uit Iran niet te vergeten. Ik voel me Nederlander, maar meer Iraniër dan Nederlander.’’

Ali is soennitisch, Nesrin sjiietisch. Dat betekent voor hun geloof dat ze anders denken over de opvolger van de profeet. Feitelijk gezien betekent het dat Ali gelooft dat de opvolger van Mohammed, Abu Bakr is en dat Nesrin gelooft dat zijn opvolger Ali is. Over de hele wereld zijn er minder sjiieten dan soennieten. In Nederland is twintig procent van de moslims sjiiet, wat neerkomt op 197.000 sjiieten. Nesrin is niet zo streng gelovig dat ze Ali’s (de Ali waarmee ze praat) ideeën afwijst. Ali denkt hier anders over. Volgens hem is zijn weg binnen het geloof de enige juiste.

IS

Wanneer de groepering Islamitische Staat (IS) ter sprake komt kijken beiden ongemakkelijk om zich heen. Wanneer ze voorzichtig het onderwerp aansnijden, blijkt tot beider opluchting dat ze er hetzelfde over denken. Nesrin: ,,Sinds IS in opkomst is wordt ik raar aangekeken door sommige mensen. Ik hoor ze achter mijn rug fluisteren, of zelfs de straat oversteken. Ze zijn bang dat ik hetzelfde denk als deze terroristen. Dit is ook de reden dat ik niet eens overweeg weer een hoofddoek te dragen. Dit zou alleen maar bijdragen aan het negatieve beeld.’’ ,,Soms spreken mensen me aan op straat,’’ zegt Ali. ,,Dan zeggen ze dat ik terug moet naar mijn eigen land. Erg vervelend, want deze mensen zijn in mijn ogen helemaal geen goede moslims. Ik ben Nederlands, net als zij. Dat vergeten ze soms.’’

Weekopdracht 5. Boeddhisme

Het niets voelen is… niets

Een grachtenpand aan de Oudegracht in Utrecht. Bij de deur moeten de schoenen uit, tassen opgeborgen en telefoons weg. Na een korte stop bij het toilet – je kunt je immers moeilijk laten gaan als je blaas op knappen staat, dat is vragen om problemen – is het tijd om even lekker verplicht ‘zen’ te zijn.

De vierkante ruimte in het Zentrum is zoals je mag verwachten van een zenmeditatieschool: vierkant, met grote kussens langs de wanden, Boeddha’s om de ruimte aan te kleden en een eenzame vaas met een bloemetje erin. Belangrijk is wel dat het bij zenmeditatie niet om warmte draait, het draait om het bewustzijn van jezelf. Dat wordt snel duidelijk, want de ruimte is zo koud, dat het eerste dat ik voel als ik ga zitten mijn koude voeten zijn.

Vuurpeleton

De ‘zendo’ is een plek waar je zen kunt zijn. ‘Do’ betekent letterlijk plek. Onze zenmeester Willem Scheepers wil, voor de oefening begint, de achtergrond uitleggen. Denken mag niet, maar achtergrondinformatie is een belangrijk onderdeel van het ‘zenzijn’. Terwijl twintig paar vragende, argwanende ogen van sceptische aanstaande journalisten Willem aankijken, vervolgt hij in alle rust zijn uitleg. Bij hem is geen spoortje nervositeit te bekennen, ondanks de kritische vragen die als ware het door een vuurpeleton op hem af worden gevuurd.

Na een korte uitleg is het tijd om te ‘zitten als een berg’. Op een ongemakkelijke pittenzak die voor de mensen met zere rug geen enkele steun biedt, is het niet echt lekker comfortabel zitten. ,,Zoek een positie die goed zit, die je een kwartier kunt volhouden zonder dat je ergens pijn krijgt of je voeten gaan slapen,’’ begint hij dapper. Het gezucht en geklaag is niet van de lucht. Er wordt geschuifeld, geschoven, gelachen en zelfs een enkeling valt een klein beetje om. Ik bespaar mezelf de moeite hem uit te leggen dat mijn nek- en rugpijn onvermijdelijk zijn en, zeker als ik stil moet zitten, alleen maar toeneemt.

Powernap

Ietwat ongemakkelijk, met mijn benen in kleermakerszit besluit ik om me toch maar over te geven aan de meditatie. Stevig geaard, met een rechte rug, mijn handen losjes op mijn benen. Bring it on! Wanneer Willem de klankschaal gebruikt sluit ik mijn ogen. Ik adem een paar keer diep in en probeer me vervolgens zo normaal mogelijk te gedragen. Het voelt vreemd, want ik ken de mensen die om me heen zitten en het voelt heel onnatuurlijk om hen niet aan te kijken, stil naast ze te zitten en ‘zo normaal mogelijk’ te doen. Nog voor ik kan nadenken over wat ‘normaal’ precies is, besluit ik mijn adem te gaan tellen. Terwijl ik bij elke uitademing meetel tot tien en vervolgens weer van voren af aan begin, bekruipt me een vreemd gevoel. Ik merk ineens dat mijn hoofd leeg is en mijn lichaam licht voelt.

De onwennigheid aan het begin van de meditatie blijkt maar kort te hebben geduurd. Het ‘niets’ voelen is… niets. Het is een niet te omschrijven gevoel waarbij mijn hoofd voor het eerst in tijden leeg is. Veel sneller dan ik zou willen klinkt de klankschaal weer en is het tijd om mijn ogen open te doen. Het lichte gevoel van de meditatie blijft en ik heb hetzelfde gevoel als wanneer ik een powernap heb gedaan. Ik ben uitgerust en voel me heel vredig. Volgens Willem is zenmeditatie een middel om tot helderheid te komen. Zenmeditatie is overgekomen uit China, net als het Boeddhisme. Plots besef ik me ineens hoe het kan de altijd drukke Chinezen toch gelukkig kunnen zijn en hun rustpunt kunnen vinden. Zenmeditatie leidt tot rust. Rust heeft als doel om helderheid te krijgen. Rust is iets waar ik al jaren naar op zoek ben en na de zenmeditatie heb ik het gevoel mijn ‘Heilige Graal’ te hebben gevonden. Zen is een middel om rust te krijgen in mijn leven. ‘Zitten als een berg, stromen als een rivier’ klinkt na een kwartier zenmeditatie ineens zo vaag niet meer.

Weekopdracht 6. Hindoeisme

Mijn God en ik

Suradj kijkt door de autoruit voor zich uit. ,,Welke personificatie van Brahman spreekt mij het meest aan? Thuis hebben we veel Buddha’s staan, maar dat komt meer omdat mijn vrouw die mooi vindt. Ik heb denk ik een combinatie van goden die me aanspreken.’’

,,Ik werk al dertig jaar als rij-instructeur. Mijn vrouw vindt dat wel eens moeilijk, ze is bang dat me wat overkomt, dus bid ik tot Ganesha.’’ Ganesha is de olifantsgod. De zoon van hindoegoden Shiva en Parvati. Hindoes aanbidden Ganesha als de god van wijsheid, gezondheid, geluk en voorspoed.

Ganesh Charturthi

,,Het festival Ganesh Charturthi is een hindoeïstische feestdag ter ere van Ganesha. Als ik op vakantie ben in bijvoorbeeld India of Suriname ga ik naar dit festival toe. Het duurt tien dagen en is heel mooi. Tijdens de rituelen, zoals bijvoorbeeld met een groep water tegen een Ganesha-beeld aan spetteren, voel je de vrede en saamhorigheid onder de mensen groeien. Dat soort momenten laten ook mijn geloof in Ganesha groeien.’’

Een andere personificatie van Brahman die door veel hindoeïsten wordt vereerd is Shri Lakshmi, door de meeste hindoe’s Lakshmi wordt genoemd. De godin, partner van Vishnoe, staat voor licht, rijkdom en geluk, maar ook voor vruchtbaarheid, liefde, moed en schoonheid. Het lichtfeest Diwali wordt gevierd om haar te vereren.

Lijm

,,Als mijn vrouw en ik ruzie hebben, bid ik tot Lakshmi. Zij is de lijm die mijn huwelijk samenhoudt. Als we problemen hebben, of het geluk even niet zien, richt ik me tot Lakshmi. Zij geeft mij positieve energie en helpt mij en mijn vrouw om ons leven samen op een prettige manier door te brengen.

Lakshmi geeft me ook rijkdom. Natuurlijk werk ik voor mijn geld, net als alle andere mensen in Nederland, maar ik bedoel rijkdom in de zin van al het andere. Ik dank haar voor het dak boven mijn hoofd, mijn vrouw, kinderen en kleinkinderen. Voor alle rijkdom in mijn leven dank ik haar. Ik weet wel dat ik nuchter ben en dat godenverering daar eigenlijk niet bij past, maar het grappige is dat Lakshmi en Ganesha mij juist helpen om met mijn beide benen op de grond te blijven staan. Door hun krachten geven ze mij positieve energie die ik nodig heb in het leven. Mijn hindoeïstische goden houden me nuchter en gelukkig. Dat is toch mooi?’’

Weekopdracht 7. Spiritualiteit

De emoties liggen op tafel, net als de tarotkaarten

Een bowling- en zalencentrum in Sassenheim. Waar de meeste bezoekers boven de zestig zijn en een kopje koffie gaan drinken naast de bowlingbaan, lopen mensen in felgekleurde harembroeken de trappen op richting de Tengri Spirituele Beurs.

Terwijl de bezoeker rondlopen tussen de verschillende kraampjes met heelmeesters, helderzienden en andere spiritualisten, kruipt langzaam de doordringende geur van wierook de neus in. Een mengsel van Oosterse kruiden geurt de ruimte en zet de juiste sfeer. Edelstenen, sieraden met magneten en felgekleurde kramen vormen het decor voor de beurs waar spiritualiteit centraal staat. Soms lijkt dit beeld ietwat stigmatisch, maar het zorgt ervoor dat de bezoekers zich direct in een andere wereld wanen. Van het bowling- en zalencentrum is bij de beurs niets meer te merken. Buiten de spirituele kramen en geestelijke verdieping bestaat er niets.

Soulman

Tussen de tarotlezers, mediums, spirituele massages en andere spirituele meesters zit Soulman Alexander. De man valt op. Met zijn lange haar in een staart gebonden en zijn volgetatoeëerde armen lijkt hij op de beurs een vreemde eend in de bijt. Op zijn tafeltje geen felle kleuren, slechts een houten Boeddha en een pamflet. ‘Ik kan niet in de toekomst kijken’ staat erop geschreven. Alexander is niet zweverig, hij voelt bepaalde zaken, kan mensen ‘healen’ en hen laten ‘zweven’ – mits ze in de juiste state of mind kunnen komen.

Wanneer een jong meisje wat onzeker gaat zitten, lacht Alexander vriendelijk naar haar. Leora voelt zich ongemakkelijk. Ze heeft pijn en hoopt dat de Soulman haar kan helpen. Hoe lang het gaat duren? ,,Het duurt zolang als nodig is,’’ aldus de nuchtere Alexander. Plots kijkt hij Leora indringend aan en begin met zijn schouders te wiebelen. Wat er vast zit in haar nek? Geschrokken kijkt ze hem aan: ze heeft een whiplash. Saillant detail: dit had ze hem van tevoren niet verteld.

Aura-fotografie

De nuchterheid van Alexander blijkt in schril contrast te staan met de rest van de beurs. Waar Alexander Reiki-technieken en Boeddhistische ‘vreedzame’ gedachten gebruikt om de mensen op de beurs van spirituele gezondheid, genezing en geluk te kunnen voorzien, is er vooral ook een groot aanbod van mensen die weinig met daadwerkelijke spiritualiteit te maken hebben. Er staan grote rijen voor de aura-fotografie (waarvan bewezen is dat het nep is) en ook de tarotlezers doen goede zaken.

De meeste mensen die rondlopen op de Tengri beurs zijn zoekende, zoals een van het geloof gevallen Christen. De bezoekers zijn vaak zo op zoek naar de waarheid op een sprankje hoop en geluk, dat de meeste spirituele begaafden weinig hoeven te zeggen om een spraakwaterval op gang te brengen. Het resulteert in een luid geroezemoes, blij gekakel en hier en daar een zachte snik. De emoties liggen op tafel, samen met de tarotkaarten en de geur van wierook die elke bezoeker tot laat in de avond nog op zijn lijf zal kunnen ruiken.

Tagged with:
 

Comments are closed.

Set your Twitter account name in your settings to use the TwitterBar Section.