Dossier:      Luc Verhoeven – 1528821 – Keuzevak Religie & Narrativiteit

 

 1.

 

Religieuze overtuigingen familieleden

Geïnterviewden; resp. vader/moeder/zus.

 

Chris Verhoeven  (Waalwijk, 1947)

“Ik ben geboren en getogen in Waalwijk, Noord-Brabant. Het was een katholieke omgeving met een gematigd karakter. Zelf ben ik zo ook opgevoed. Al was in vaak in de kerk in Den Bosch te vinden, waar mijn vader organist was, veel heb ik er niet over ‘geloven’ geleerd. Ik was op mijn vijftiende al wees dus vond niet de rust en ruimte om in iets te geloven wat ‘goed’ zou zijn voor mij. Hard werken en niet zeuren werkte voor mij beter dan geloven. Ik en mijn broers zijn altijd christelijk gebleven en hebben ons zo ook altijd gevoeld, hoewel ik, als ik voor mezelf spreek, naarmate ik ouder word eerder geloof in iets anders spiritueels dan een god.

In mijn leven speelt het geloof geen grote rol, al hebben we wel geleefd naar de waarden die in het geloof terug te vinden zijn. Onze kinderen hebben we op een zelfde manier kennis willen laten maken met wat het christendom inhoudt, maar nooit de teugels aangetrokken wat betreft handelen naar de overtuigingen.

Ja, ik ga met Kerstmis naar de kerk, maar meer om tot mezelf te komen en een fijn, waardevol gemeenschapsgevoel te ontwikkelen dan dat het iets met ‘geloven in god’ van doen heeft.

 

Een aantal jaren terug hebben ik en mijn vrouw ons uit laten schrijven bij de kerk, mede als gevolg van de seksschandalen waaraan sommigen binnen de kerkelijke gemeenschap zich hebben schuldig gemaakt, waardoor wij ons niet langer verbonden voelen met het instituut ‘kerk’.”

 

Anna Verhoeven – Van der Ven (Hedel, 1948)

“De religieuze kant van de opvoeding heb ik als kind in het Gelderse dorpje Hedel ervaren als strikt, maar toch liberaal. Je was katholiek, dat was je want dat was iedereen. In de tijd voor de ontzuiling waren wij kinderen dus daar weet ik niet veel meer van, alleen dat je ouders inderdaad alles volgens een bepaald stramien hadden. Mijn moeder was lid van een kerkelijk vrouwengilde, vader van kerk, thuis een kerkelijk dagblad en je ging naar een christelijke school.

We gingen absoluut niet elke zondag naar de kerk, maar voelden ons wel echt verbonden met de mooie kanten van het geloof.

Geloven is voor ons meer iets familiairs, iets bindends tussen de mensen van wie je houdt en die dicht bij je staan, dan de relatie tussen jezelf en iets bovennatuurlijks.

Pasen, Kerstmis, Oud en Nieuw…alles werd en wordt bij ons uitgebreid gevierd, met drank, spijzen en gezelligheid. Maar altijd met de nadruk op familie en gezelligheid.

Dingen als bidden voor het eten, niet vloeken en elke zondag op je knieën in de banken is iets waar wij nooit affiniteit mee hebben gehad.

We nemen de mooie dingen van het geloof mee in het leven, maar zijn modern en liberaal genoeg om vooral in onszelf te geloven”

 

Maartje Verhoeven (Bergen NH, 1979)

“Geloven in een god of bezig zijn met het christen zijn? Nee, zo letterlijk niet. Ik ben gedoopt, heb drie namen, heb in een kerkkoor gezongen (verbonden aan katholieke basisschool) en heb zelfs de Heilige Communie gedaan. Net als mijn oudere en jongere broer. Maar dan houdt het opeens op. Mijn ouders hebben mij na pakweg de brugklas geen enkele plicht of restrictie opgelegd wat te maken heeft met het geloof. Ik ben naast bureauredactrice ook yogadocente en heb dus zeker een affiniteit met spiritualiteit en het bekende ‘er is meer dan dit’ in een mens. Kortom, ik geloof zeker in een hogere macht, maar niet in de vorm van het christendom. Ik vind het fijn opgevoed te zijn met de normen en waarden die het met zich meebrengt, maar ik vind dat mensen die er hun verdere leven strikt aan verbinden zichzelf als persoon minachten. Geloof vooral in jezelf.”

 

Reflectie

Ik heb mijn ouders en zus gedurende een klein uur gesproken, gewoon thuis. Voor deze opdracht was geen speciaal vizier benodigd. Een heel gewoon vraag-antwoord verhaal. Ze reageerden nogal uitgebreid en wilden veel uitweiden over allerlei wegen die ze hebben bewandeld om tot hun huidige geloofsovertuiging te komen.

Ik heb het heel sec gehouden en ze wel laten praten, om er vervolgens de kern uit te filteren.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2.

 

“Religie behoudt kracht wanneer je het dynamisch durft te beleven”

 

De joodse Fabian en Miryam Pancek, 33 en 36 jaar oud, wonen al jaren samen in een appartement in Amsterdam. De van oorsprong Haarlemse broer en zus zijn sinds ruim drie jaar wees. Toen de kans om samen appartement te betrekken zich voordeed, aarzelden ze geen moment. “Sommige mensen vonden het raar, broer en zus bij elkaar. Maar wij wilden weg uit ons ouderlijk huis, het huis dat ons aan het ziektebed van onze ouders deed denken. We zijn ze allebei te vroeg kwijt geraakt. Misschien is dit een manier om ons nog even een gezin te voelen.”

 

De familie Pansen is, zoals zoveel joodse gezinnen in Europa, geen zorgeloos lot toebedeeld. Hun grootouders woonden in Wit-Rusland en wilden eind  1939, wegens steeds sterker groeiende nazisympathieën van hun omgeving, naar Engeland vluchten. In Polen werden ze opgepakt en hebben vervolgens het ghetto van Lodz maar ternauwernood overleefd. Vervolgens hebben ze de gehele oorlog, zij het gescheiden, doorgebracht in concentratie- en propagandakamp Theresienstadt, Tsjechie. Al hun familie werd vermoord in de vernietigingskampen, wonderbaarlijk genoeg bleef hen dat lot bespaard.

“Onze ouders zijn allebei te vroeg gestorven, maar hebben ons genoeg over ‘jood zijn’ geleerd. Ze hadden het altijd over de verschrikkingen die opa en oma hebben meegemaakt.  Wij voelen ons dan ook absoluut joods en ook wel een beetje anders dan de rest”, vertelt Fabian glimlachend. “ Dat hoort er een beetje bij, denk ik.”

Hun ouders waren niet orthodox. Al de religieuze praktijken die het gezin naleefde waren eigenlijk meer uit familietraditie dan uit strenge geloofsvoorschriften. Ze zagen het jodendom weldegelijk als iets om je aan te schikken, maar vonden dat de moderne tijd er wel om vroeg liberaal te kunnen denken. “Religie behoudt zijn kracht en nut wanneer je het dynamisch durft te beleven en toe te passen.” Miryam kijkt trots als ze een van haar vaders nogal liberale oneliners dicteert uit een dagboekje, dat hij tijdens zijn ziektebed tot vlak voor zijn dood in 1996 bijhield.

Als kind hebben de broer en zus hun respectievelijk Bar Mitswa en Bat Mitswa uitgebreid gevierd. De hele familie was op bezoek en ze kregen van iedereen cadeaus . Fabian vertelt dat zijn ouders na zijn Bar Mitswa de teugels abrupt lieten vieren. “Ik had altijd gehoord dat ik na mijn Bar Mitswa uit de Tora mocht voorlezen. Dat was iets wat ik trots vertelde op school, ik keek er erg naar uit. Het voelde alsof ik er dan echt bij hoorde.” Maar hun ouders leken ineens niet veel meer om geloof te geven. Later bleek dat hun vader toen was gediagnosticeerd met Crohn. Darmkanker zou hem uiteindelijk fataal worden.

Op een moment waarvan je verwacht dat het geloof een enorme rol zou gaan spelen, deed het dat niet. Hun moeder was sindsdien niet meer hetzelfde en de vreugde die het gezin uit de traditionele joodse rituelen haalde, leek verdwenen. Ze aten kosjer, maar daar bleef het bij.

Nadat hun moeder in 2011 overleed, probeerden broer en zus zichzelf te herpakken door het geloof weer meer te gaan beleven. Nog steeds allesbehalve orthodox, maar vooral op een ouder erende manier. Toch denken ze dat ze het geloof meer voor hun ouders wilden oppakken dan voor henzelf. “Eer uw vader en uw moeder,” zo schrijft een van ‘de tien woorden’ van het jodendom voor. Dat is precies waarmee Fabian en Miryam de laatste jaren bezig zijn. Elke avond branden er kaarsjes voor talloze fotolijstjes die fijne gezinsherinneringen afbeelden.

Fabian en Miryam zijn trots op hun afkomst en geloof, maar lopen er niet mee te koop. “Soms,” vertelt Fabian, “soms zijn er zelfs momenten dat ik bang ben voor mijn afkomst. Hier in Amsterdam-Noord zijn joden over het algemeen niet zo geliefd. De broer en zus wagen zich geen van beiden aan uitspraken over internationale conflicten of Gaza. “Dat is nou juist zo beknellend. Wij voelen ons helemaal niet op die manier joods.” Ze vinden het vreselijk wat daar gebeurt, maar zeggen zich niet verwant te voelen met die manier van geloofsbelijdenis. Miryam vat samen: “Wij zijn Nederlands en ik vind het vreselijk als mensen opeens een mening hebben over conflictsituaties die absoluut niet te vergelijken zijn met de manier waarop wij hier leven.”

Myriam zal binnenkort bij haar vriend intrekken en ook Fabian heeft een relatie. Op de vraag of ze hun eigen kinderen eventueel joods op willen voeden of niet, kijken de twee elkaar aan en concluderen ze dat ze daar nog lang niet zeker over zijn.

Reflectie

 

Ik kende de joodse Fabian en Miryam Pancek via mijn schoonzus. Ik heb ze in hun huis in Amsterdam geïnterviewd, gedurende ongeveer twee uur. Ik stelde me vooral heel onwetend op en wilden hen het verhaal laten vertellen. Ik probeerde een portret te maken van twee ogenschijnlijk doodgewone Nederlanders, die volledig en volwaardig meedoen in onze samenleving en dus geen enkel wezenlijk verschil uitmaken van de gevestigde orde. Niettemin waren het wel dit soort gewone Nederlanders, waarvan er ruim honderdduizend de Tweede Wereldoorlog niet hebben overleefd.

Ik betrapte mezelf erop dat ik achter verschillen wilde komen. Dingen die wezenlijk anders liggen, qua cultuur, zonder resultaat. Ik ben tevreden over het uiteindelijke beeld dat ik van deze broer en zus heb weten te scheppen; een verhelderend beeld. Natuurlijk was ik erg benieuwd naar hoe het voelt om Joods te zijn in een overwegend islamitische omgeving. De persoonlijke verhalen raakten me behoorlijk en lieten me wel merken hoe benauwend het kan zijn om een religie uit te dragen. In veel gevallen durven Fabian en Miryam hun afkomst of religie niet eens duidelijk te uiten en dat vind ik triest.

Ik zou het interessant vinden om hen na pakweg tien jaar nog eens te spreken en te vragen hoe de verhoudingen tussen hen en hun islamitische omgeving dan liggen. Het staat buiten kijf dat de situatie in het Midden-Oosten als voorbeeld zal dienen voor hoe belijders van die geloven zich tot elkaar verhouden. Ook in ons land, en dat vind ik triest.

 

 

 

 

 

 

3.

 

Bidden in de gymzaal

 

Elke zondagmorgen is de Utrechtse sport- en recreatieaccommodatie Nieuw Welgelegen toneel van een wel heel onverwacht gezelschap. Vanaf half tien stroomt de sporthal namelijk vol met leden van de Baptistengemeente De Rank; een, naar eigen zeggen, eigentijdse en groeiende kerkgemeenschap in Utrecht, Leidschse Rijn en Rivierenland.

Baptisten

Het baptisme is een christelijke stroming binnen het protestantisme. Net als andere christenen belijden baptisten dat Jezus Christus Gods Zoon is en dat Hij door God werd gezonden om de mensheid te redden. Door het lijden, sterven en later de opstanding van Jezus, geloven de Baptisten dat er contact met God mogelijk is. Iedereen die dat gelooft en zijn of haar leven heeft toevertrouwd aan God mag zich een kind van God noemen.

Baptisten benadrukken dus dat de mens persoonlijk moet kiezen om Jezus te volgen als antwoord op Gods liefde. In de Bijbel staat dat je gedoopt mag worden en zo de heilige Geest ontvangt. Tijdens het ‘baptisten’, wat ‘dopen’ betekent, ga je dan ook helemaal onder water. Anders dus, dan de meer bekende kinderdoop, waarbij alleen het hoofdje wordt besprenkeld met water. Iets wat de baptisten overigens verwerpen, daar zij geloven dat baby’s niet bewust kunnen geloven.

De Unie van Baptisten Gemeenten telt zo’n 90 aangesloten gemeenten. De Rank is daar één van en ook die onderscheidt zich van andere protestante stromingen door haar zelfstandigheid. Hierdoor zijn baptistengemeenten vaak verschillend van karakten en, zo stelt De Rank, “dragen wij zo bij aan de veelkleurigheid van de wereldwijde kerk.” In het kerkelijke spectrum staat de gemeente ongeveer in het midden, tussen de traditionele kerken en de Evangelische en Pinkstergemeenten.

De Rank staat voor menselijkheid, naastenliefde en overlevering aan God. Gebeurtenissen uit alle hoeken van de wereld gaan de gemeente nader aan het hart. Zo is er in het verleden ruimte geweest voor een Syrische spreker en is de huidige collecte bedoeld voor een stichting die zich hard maakt voor een monument voor alle vervolgde Utrechtse joden in de tweede wereldoorlog.

 

 

De dienst

Bij binnenkomst van de accommodatie wordt iedereen verwelkomd met een handdruk en een mededelingenblad. In de grote sportzaal van Nieuw Welgelegen worden voor de dienst ruim zeshonderd stoelen neergezet en die zijn nodig ook. Het overgrote deel van de bezoekers is tussen de 18 en 50 jaar; een opvallend jong publiek dus. Er zijn nauwelijks grijze hoofden te bekennen. Er is een podium opgezet met erachter een groot, zwart doek waar een kruis voor hangt. De band speelt live muziek, bijgestaan door kerkelijke zang, maar modern.

De vrolijke voorganger Peter Kos weet door gemoedelijk manier van spreken een goede sfeer te brengen in de verder kille ruimte. De dienst bestaat uit veel (samen)zang, preken, familieberichten, een collecte en bidden. De sfeer is vrolijk en vrijblijvend maar toegewijd tegelijk. Stilte heerst, op een huilende baby na. Na een klein uur worden zeven echtparen naar voren gevraagd om hun pasgeboren kind te laten zegenen. Nog geen doop dus. Kos vraagt de ouders onder andere of zij beloven hun baby met God op te voeden, het uiteindelijk met andere gelovigen in aanraking te laten komen, en alle mogelijke liefde te geven zoals die door Jezus Christus wordt voorgeschreven. Na de vraag “wat is hierop jullie aller antwoord” gaat de microfoon langs alle ouders en volgen er veertien ‘ja’s’.

Vrolijkheid

Het overheersende gevoel dat na de dienst overblijft is de vrolijkheid en openheid van mensen, en de liefde voor elkaar. Mensen knuffelen en kussen elkaar hier veel meer dan je in het gewone leven gewend zult zijn. Iedereen lijkt elkaar te kennen. Het is een relatief jonge, zeer frisse groep mensen die totaal niet overkomt zich in een keurslijf te bevinden. Baptistengemeente De Rank maakt een moderne en professionele indruk. Er is een uitgebreide website waarop tevens de diensten kunnen worden terugbeluisterd. Tijdens de diensten zijn zelfs hoofdtelefoons te vragen die de mis in een andere taal ‘uitzenden’. Achterin de zaal staan statafels opgesteld. Na de dienst is er ruimte voor een gesprek met elkaar of mensen van het Meeting Point of Welkomstteam die alle vragen over de gemeente kunnen beantwoorden.

 

Reflectie

 

Een bezoek naar een ‘andere’ kerk was best leuk. Ik ken zelf alleen de katholieke kerk en was best benieuwd naar andere stromingen binnen het Christendom. De Baptistengemeente was ontzettend gemakkelijk benaderbaar door haar zeer open houding. Bij de dienst, in Centrum Welgelegen in Kanaleneiland, Utrecht, was zelfs voorzien van een heuse voorlichtingsafdeling. Voor journalisten een droom. Ik ben tevreden over het sprekende, tekenende beeld dat ik heb gegeven van de dienst. De dienst was lang en het was best vreemd om weer in de ‘banken’ te zitten, al waren het stoeltjes in een gymzaal.

Ik heb van tevoren allerlei informatie opgezocht over verschillende stromingen binnen het Christendom. De Baptistengemeente was er een die voor mij altijd erg conservatief leek en juist daarom wilde ik er een dienst van bezoeken.

Ik heb zelf een nogal liberale kijk op het leven, laat staan religies, dus vind ik het des te interessanter om te zien hoe strikt verbonden mensen ook kunnen zijn. Dat vermoeden werd aan de ene kant bevestigd, maar aan de andere kant niet. Ik schrok even van de geloftes die de kersverse ouders deden aan ‘de kerk’ om hun kinderen op te voeden met de kerk en te laten weten dat dit de waarheid is en dergelijke. Best even schrikken voor een vrijdenkende geest als de mijne. Aan de andere kant merkte ik hoe ontzettend veel naastenliefde er heerste in de zaal en kon ik me bijna niet anders dan een wereld vol baptisten wensen; zo vreedzaam en liefdevol was het. Ik stelde me heel neutraal op en ging gewoon als mede-baptist de zaal in. Natuurlijk verraadde het blocnootje het een en ander, maar iedereen heette me welkom.

Ik denk dat mijn reportage heel representatief is voor de Baptistengemeente, daar het een objectief verslag is van een, voor hen, zeer doorsnee kerkdienst.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

4

 

“Je moet het zelf doen”

 

Nasreen Maari (30) is van oorsprong een Koerdische vrouw. Ze is geboren in Irak, het land dat ze als peuter, samen met haar ouders zou verruilen voor Nederland.

Ze is naar eigen zeggen een toegewijde moslim, maar wel modern. 

Armin Nadcak (30) is een Bosnische moslim en Bosniak, in Nederland woonachtig vanaf 1994 en belijdt de Islam erg liberaal.

 

Nasreen kwam als 4-jarig meisje in Nederland en voelt zich helemaal Nederlands. Of zoals ze het zelf zegt; “Ik ben volledig verkaast”.

Haar komst naar Nederland was niet bepaald vrijwillig. “We zijn gevlucht voor het regime van Saddam Hussein. Er waren opstanden en de Koerden kregen in die tijd overal de schuld van. Mijn ouders praten er nauwelijks over, dat vind ik soms wel moeilijk. Ik moet altijd van foto’s vernemen wie mijn familie was, want er zijn er veel gedood. Het moet vreselijk zijn geweest.”

 

Ze zegt zich aan haar geloof vast te houden om zich nog een stukje Irakees te voelen. “Het is een soort dunne lijn van aan de ene kant jezelf honderd procent Nederlander voelen, maar ook frustratie voelen omdat ik niet weet ‘wie wij zijn’. Het is een zoektocht denk ik. Een identiteitsvraagstuk waar niemand een antwoord op heeft. In Nederland heb ik me altijd heel goed gevoeld. Ik ben opgegroeid in Groningen en ben, ondanks een behoorlijk strikt geloof, uitgegroeid tot een zelfredzame vrouw, al zeg ik het zelf.”

 

Voor de Bosnische vluchteling Armin speelt moslim zijn geen bepalende rol. “Ik drink en rook niet, maar daar blijft het ongeveer wel bij.” Armin heeft in zijn jonge leven vreselijke tijden achter de rug. Zijn moeder overleed vlak na zijn geboorte. Bij een Servische aanval in 1992 kwam zij vader om. “Ik ben opgevoed door mijn oom en mijn neef. Ik zie ze als mijn gezin. Met hen en mijn jongere neefje zijn we na een jaar Hamburg in Nederland terecht gekomen.”

 

Mede door de vreselijke gebeurtenissen in Armins vroegere thuisland wilde hij niets meer te maken hebben met de zware verbintenissen van ‘geloof’ of ‘ergens bij horen’. “Ik voel me wel moslim. Ik ben het ook, maar ik wil het geloof me op geen enkele manier laten tegenhouden of in de richting sturen van soms, voor mijn gevoel, tegennatuurlijke paden.”

 

Nasreen vertelt zich in Nederland nooit gediscrimineerd gevoeld te hebben. “Groningen is misschien niet bepaald de meest vanzelfsprekende omgeving als het over vooruitstrevendheid gaat, maar problemen heb ik nooit ondervonden. Gewoon meedoen, zou ik zeggen. Kijk, ik bid niet een paar keer per dag, lees niet uit de Koran en kom slechts met feestelijkheden in de moskee. En ik woon gewoon in Bos en Lommer, hoor. Meer toewijding zou dus echt niet ‘raar’ worden gevonden. Maar nee, ik heb mijn eigen, moderne vorm gevonden en die is toegewijd genoeg.”

 

“Nou, voor mij was de weg wel wat stroever…”, grinnikt Armin voorzichtig.

“Ik vind mezelf pas een jaar of vijf wijs genoeg. Ik ging daarvoor veel met de verkeerde mensen om en begaf me in kruimeldiefcriminaliteit, samen met andere mensen die op zoek waren naar identiteit of rust. Rust noem ik het, want het is een schreeuw om een stabiele basis. Hetzelfde geldt voor die straatterroristjes van vandaag de dag. Ik voelde me van vroeger uit nergens echt thuis. Ik spreek vier talen en prima Nederlands, maar wel met een zwaar accent. Dan heb je hier al wel snel een stempel, vind ik.”

 

Een orthodox moslimmeisje met hoofddoek in Groningen voelt zich gemakkelijker geaccepteerd dan een liberale moslimman die woont in Houten en leeft in Utrecht. Op zijn minst opvallend te noemen.

 

Nasreen heeft wel een mogelijke verklaring. “Ik wil Armin niet voor het hoofd stoten, maar het antwoord ligt echt bij jezelf. Nederlanders, en ik voel mezelf er ook een van, hebben gewoon moeite als je of niet meedoet, of een ‘big deal’ maakt van je geloofsovertuiging. Maar je moet het echt zelf doen, want oudere familie blijft gewoon hangen. Mijn eigen ouders zijn helemaal niet ingeburgerd, maar redden zich gelukkig prima.”

 

Nasreen merkt wel dat ze voor haar ouders extra haar best doet om niet té modern te worden gezien. “Ik ben anderhalf jaar samen met mijn autochtoon Nederlandse vriend en we wonen al samen, maar mijn ouders hebben hem vorige week pas ontmoet. Ik wilde echt zeker zijn van ons, voor ik hem aan hen voorstelde. Daaraan merk ik wel hoe ouderwets religie kan zijn. Enorm contrasterend met de wereld onder de meeste Hollandse jongeren, waar ik dus zelf ook prima in mee kan.”

 

Ondanks zijn liberale aanpak is Armin sinds kort de voordelen van moslim zijn meer gaan inzien. “De mooie kanten, zo noem ik het maar even, zijn in bijna alle religies vergelijkbaar. Ik heb een verkeerde start gehad in Nederland, moeite met werk vinden en ben laag geschoold. Maar ik vind wel ergens de kracht om door te gaan, misschien wel uit de islam. Ik waardeer de islam, maar ga mijn leven er niet aan ophangen.”

 

 

 

 

 

 

Reflectie

 

De islam is uiteindelijk het geloof waar de laatste jaren het meeste om te doen is geweest, vooral in negatieve zin. Dan heb ik het natuurlijk alleen maar over de daden die zijn gedaan uit naam van die islam. Het is dan vrij lastig om met een blanco blik een vraaggesprek in te gaan, of het gevoel te krijgen dat je helemaal als zijnde blanco wordt beschouwd.

Het blijft een soort van verdedigingsspel vanuit de gevraagde zijde die zich altijd maar moet verantwoorden voor haar eigen geloof.

Gelukkig was dit bij Nasreen en Armin niet het geval. Ik hoefde niet op eierschalen te lopen, mede omdat ik ze al redelijk goed kende en hun overtuiging nu eens niet wilde aanvallen, maar hen om hun eigen ervaring in Nederland te laten vertellen. Ze hebben een duidelijk beeld gegeven en hoewel pakweg 600 woorden niet zoveel laten weten als een uur spreken, denk ik dat ik een aantrekkelijk portret van de twee heb neergezet.

Ik was vooral blij dat ik twee moslims van totaal verschillende achtergronden bij elkaar heb weten te brengen. Wel vind ik het jammer dat ik Armin niet zover heb gekregen als Nasreen en het beeld en de kracht iets te veel richting haar neigt. Armin was helaas iets minder happig in het praten over zijn verleden.

Ik ging niet overdreven voorzichtig het vraaggesprek in en had geluk met de spraakwaterval van Nasreen. Ik zou wel eens vaker een verhaal willen horen over een moslim uit een niet-standaard moslimland als Bosnië. Het werpt een volledig nieuw beeld op de islamitische wereld omdat iedereen natuurlijk altijd meteen denkt aan de landen in het Midden-Oosten.

Als ik het opnieuw had mogen doen had ik de vragen of het gesprek als geheel meer gevormd naar de verschillen tussen de twee personen binnen hun religie, die toch dezelfde is. Wie weet komt het er nog eens van.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

5.

 

Nuchter zweven

 

Zen meditatie, vandaag gaat het gebeuren. Mediteren om tot verlichting te komen.

Verlichting, de zogenaamde Satori, vind je in allerlei religies terug. In de levensleer van het non-theïstische boeddhisme is de verlichting een staat van bewustzijn die je laat weten ‘in het nu’ te zijn. Een korte zoektocht naar jezelf, je lichaam, je adem en innerlijke vrede. Even geen plek dus voor ideeën, behoeften of oordelen.

 

We verzamelen ons in de hal van een mooi pand aan de Utrechtse Oudegracht.

Meditatiedocent Willem Scheepers straalt rust uit en verwelkomt ons hartelijk. Na een lange gang gaan we een kamer in die de sfeer van rust al meteen uitstraalt. Kaarsjes, Boeddha’s, papieren venstertjes en grote zitkussens. Zo’n ruimte waar je je door hardop praten al ietwat schuldig begint te voelen. Iedereen neemt plaats op een kussen en luistert naar Willem.

 

Hij leert ons dat Zen een vorm van mediteren is die in de 6e eeuw vanuit India in China terecht is gekomen.  Zo’n 500 jaar later bereikte het Japan. Uit al die landen heeft Zen haar eigenschappen meegepikt. De meest opvallende daarvan vond ik de Chinese nuchterheid.

Nuchterheid? In zo’n zweefsessie? Je kunt ieders verbazing van de gezichten af lezen.

Willem vertelt dat Zen helemaal niet zweverig is. “Integendeel juist, de bewustwording van jezelf, het hier en nu, concreter kàn het bijna niet. Zelfs eten kan een Zen moment worden. Door bewust elke hap te genieten en externe factoren buiten te sluiten, wordt gewoon eten al tot een meditatie.” Ik begin het te begrijpen en word stiekem wat benieuwder.

 

Dan is het tijd. Iedereen neemt de kleermakerszit, of de oosterse variant lotushouding aan. “Het belangrijkste is dat je lekker zit en dat je knieën de grond raken.”

Ik zit prima en sluit mijn ogen. Ik moet oppassen niet aan Willems advies te denken om nergens aan te denken, dan zou ik immers ergens aan denken. Zo leeg moet je je hoofd dus maken. Ik tel mijn ademhalingen. Doodse stilte, op een voorzichtige gniffel en een snuif na. Een minuut of zes a zeven later klinkt de gong en is het over. Wacht even, we zouden toch een kwartier mediteren? Ik ben meestal wel goed met tijd inschatten, maar dit ging zo snel voorbij.

 

Das een goed teken, is mijn eerste gedachte. Dan ben ik vast even ‘weg’ geweest. Maar wacht, even ‘weg’ zijn was toch niet de bedoeling? Dit was toch niet zweverig? De tijd had toch op de seconde af goed moeten voelen? Ik ben in de war.

Blijkbaar ben ik even zo rustig en geconcentreerd geweest dat ik juist wel even vergat hoe ‘tijd voelt’. Interessant, dat wel.

Ik vraag Willem hoe je om dient te gaan met het contrast in de drukke buitenwereld. Iedereen trekt hier straks immers weer de deur achter zich dicht en stapt een drukke bus in. Hij antwoordt; “Je hoeft het niet af te sluiten. Neem het mee als een ervaring die je altijd weer eens op kunt roepen als je even tot jezelf wil komen of een frisse wind door je hoofd wil laten waaien. Je kunt zelfs in een drukke bus even je ogen sluiten en een snelle Zen meditatie doen.”

 

Dat is inderdaad het leuke aan Zen. Er zijn geen speciale rites of ceremonies aan verbonden en het kan op elk moment van de dag en op iedere plaats worden uitgevoerd. Stiekem twijfel ik nog steeds of ik wel echt heb gemediteerd of dat ik gewoon vijftien minuten heel prettig ontspannen was. Wacht even, is er eigenlijk wel verschil?

 

Reflectie

 

Over deze column ben ik zeer tevreden. Ik vind dat er vaart, informatie en verbeelding in zit. De meditatiesessie ging ik, hoe kan het ook anders, zonder enige vooringevulde verwachtingen in. Ik was een echte meditatiebeginneling. Ik heb voor de column geen research gedaan en heb me dus volledig laten leiden door de ervaring zelf.

De nadruk moest hoe dan ook liggen op ‘hoe gaat een spiritualiteit-leek een dergelijke ervaring beleven?’

Dat is me aardig gelukt, en ik heb het kort maar pakkend verwoord. De ervaring was leuk, de informatie was helder. Tot echte Satori ben ik misschien niet gekomen, maar ik heb weldegelijk geleerd van Willem. Ik denk dat mijn verhaal in zoverre representatief voor deze religie is dat het verwoordt hoe een totale leek een zen-meditatie beleeft. Iets wat voor zowel insiders als mensen voor wie het totaal nieuw is aantrekkelijk zal zijn om te lezen.

Een eyeopener vond ik dat de gehele leer van Zen gebaseerd lijkt te zijn op Chinese nuchterheid, en juist niet op zweverigheid. Vooral toen Willem zei; “Zen is helemaal niet zweverig. Integendeel juist, de bewustwording van jezelf, het hier en nu, concreter kàn het bijna niet”.

Ik was benieuwd naar wat een dergelijke sessie mij zou brengen, en of het er nu aan lag of je je eraan open zou stellen, of dat de sessie daar zelf wel voor zou zorgen. Helaas ben ik daar niet helemaal achter gekomen. Ik voelde me zeer ontspannen, maar had het gevoel dat van een ‘powernap’ ook te kunnen zijn geworden…Ik woon op slechts tien minuten fietsen van Zentrum dus wie weet ga ik de uitdaging nog eens aan, zonder gestoord te worden door giechelende mensen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

6.

 

Ik en mijn god

 

Nadia Benabdallah is 22 jaar en woont samen met haar ouders en zusje in Waddinxveen. Haar voorouders komen uit Bangladesh en de familie Benabdallah woont sinds de jaren ’40 van de vorige eeuw in Nederland. Nadia komt uit een hecht gezin dat, naar eigen zeggen “vooral hecht wordt gehouden door de rust en liefde die het Hindoeïsme met zich mee brengt.”

 

“Hindoe zijn is voor mij eigenlijk heel gewoon. Mensen hebben er vaak niet echt een voorstelling bij en dat snap ik wel. Er zijn talloze goden en geen echte dogma’s. Bovendien is hindoe zijn in Nederland niet heel gebruikelijk. Wij zijn volgers van Ganesha’s leer.”

 

God Ganesha, de zoon van de godin Pervati, is vooral bekend als ‘de god met het olifantenhoofd’. Ganesha neemt hindernissen weg en is de beschermheilige van reizigers. Hindoes bidden tot Ganesha voor ze aan iets nieuws beginnen, zoals een nieuwe baan of wanneer ze verhuizen. Ganesha heeft volgens de verhalen een felle verdedigingsstrijd geleverd tegen zijn eigen vader, die voor de deur van Pervati’s deur stond, zijn zoon niet herkende en zijn hoofd afhakte. Door zijn moeder te verdedigen heeft Ganesha de naam van een ‘bewaker’ of ‘wacht’ gekregen. Mede om die reden vind je vaak afbeeldingen of beelden van Ganesha voor ingangen van heilige plaatsen, tempels of andere gebouwen.

 

Nadia voelt vooral veel warmte en naastenliefde door haar ‘hindoe zijn’. “Het behelst altijd familie of vrienden als het geloof naar voren komt. Op sommige dagen doen we een offer van fruit naar god Ganesha. Maar de ‘puja’, het aanbidden, doen we sowieso twee keer per dag, en wel via ons eigen heilige plekje.” Ze wijst naar de hoek van de woonkamer waar een vierkante meter is ingericht als heus huisaltaartje. Grote, zware kandelaren houden dikke, rode kaarsen vast. Een paar bloemen, wat fijn geweven doeken en vooral veel goudkleurig priegelwerk.

 

“Ja, hindoes houden nogal van goud”, lacht Nadia. “Bovendien ligt er in het Hindoeïsme best een nadruk op het vrouwelijk schoon. De vrouw mag er bij ons echt zijn. Ze geven melk en brengen het leven, je voelt je gewoon belangrijk. Dat vind ik erg leuk, ik houd er erg van mezelf mooi te maken. Vooral voor Holi, ons Nieuwjaar, zeg maar. Dan ga ik samen met wat vriendinnen eerst kleding en make-up kopen, om ons vervolgens urenlang op te sluiten en ons mooi te maken.

 

Ook de versieringen in huis worden vaak aangevuld. Mijn moeder koopt het liefst elke dag iets bij. Zij is in ons gezin dan ook de meest toegewijde aanbidster. Ze zit soms wel een uur een mantra, een soort gebed, voor te lezen en raakt dan helemaal in trance. Althans, zo lijkt het. In die staat ben ik nooit gekomen, maar die rust en vooral de zekerheid en terugkoppeling bijna, waar zij dan toekomt…daar kan ik soms best jaloers op worden. Ik word gewoon vooral erg blij van al de positieve energie die het Hindoeïsme uitstraalt. De veelzijdigheid van alle goden maakt het zo compleet. Elke god is weer anders en voor iedere is wat te zeggen. Het is niet zo dat je echt een keuze hebt, en dat dat dan alles is. Althans, ervaar ik het niet. Je volgt de leer van de god die je ouders volgden, en er is altijd ruimte om delen van andere goden toe te voegen. Dat maakt hindoes zo rijk.”

 

Reflectie

 

Ik heb Nadia via een collega van mijn broer benaderd, en ongeveer een uur met haar gesproken in haar het huis van haar ouders in Waddinxveen.

 

Van hindoeïsme wist ik naast de standaard aannames ook nagenoeg niets. Naast mijn beperkte kennis van taoïsme een van de redenen waarom ik dit vak volg. Ik heb me redelijk ingelezen in de basiskennis van de overtuiging, maar merkte al snel dat het dusdanig breed georiënteerd is dat je heel snel een smalle zijweg in moet slaan, anders heb je duizenden woorden nodig om je te duiden. Aangaande het hindoeïsme is het wat betreft journalistiek dus van belang om een specifieke richting te kiezen en die te duiden, of, zoals ik heb gedaan, een helder portret te maken van een doorsnee hindoeïstisch meisje in Nederland.

Nadia gooide vaak met voor haar hele gewone termen en gebruiken, dat ik haar vaak een halt moet toeroepen omdat ik weer eens moest vragen wat dat nu weer betekende. Wat een ongelofelijk veelzijdig en intensieve geloofsovertuiging.

Ik heb me weer niet kritisch maar juist erg open en onwetend opgesteld, zodat Nadia zelf het verhaal zou vertellen. Daar waar onduidelijkheden bleven, vroeg ik om duiding.

Het was een leuke en vrolijke ontmoeting en ik heb een positief beeld overgehouden van hindoes.

Ik zou me in het vervolg meer moeten inlezen in de op Nadia betrekking hebbende stroming van Ganesha, om daar meer over uit te wijden en het verhaal wat specifieker te krijgen. Helemaal omdat Ganesha niet de meest onbekende god is binnen het hindoeïsme. Meer voorkennis was dus wel gewenst; daar liggen zeker verbeterpunten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

7.

 

Het beste van twee werelden

Een doorsnee woonwijk in Eindhoven. Ada Klapwijk begeleidt ons door haar huis heen, de tuin door en weer een andere ruimte in. “Dit huisje heb ik speciaal laten neerzetten als praktijk”, zegt ze trots. We gaan een soort wachtkamer in en hier spreekt Ada de groep toe.

 

“Iedereen kent yoga, iedereen kent meditatie. Jullie zijn hier voor de cursus yogameditatie. Die combinatie is ontzettend nuttig. Er zijn nogal wat mensen die wel zouden willen mediteren, maar zich voor een drempel voelen staan. Men vindt het lastig om steeds maar in dezelfde houding te zitten en ons diep te concentreren. Logisch ook, het staat namelijk zo haaks op wat we gewend zijn in ons dagelijks leven.

De yoga dient in deze combinatie als voorbereiding van de meditatie. Tijdens het uitvoeren van de yoga-oefeningen wordt je lichaam gebruikt voor de ontwikkeling van aandacht en concentratie. Heel nuttig dus; het een vult het ander aan. Het mediteren, hoe lang of kort je het ook volhoudt, doen we altijd in groepsverband. Iedereen profiteert dus mee van elkaars harmonie en groepsenergie.”

 

We lopen een grote, lichte ruimte in waar de kleur geel overheerst. Er liggen twaalf matjes in een halve maan en we gaan zitten. Ada zet ontspannende muziek op en doet allerlei beginneroefeningen voor die we, vaak krampachtig, na proberen te bootsen. Waar nodig worden we fysiek door Ada begeleid en ‘adjust’ ze onze houdingen. Als gecertificeerd yoga-docente heeft ze het menselijk lichaam jarenlang moeten bestuderen. “Met de verkeerde handeling kun je een lichaam enorm beschadigen. Je moet iemand soms echt flink corrigeren en dat durf je alleen als je echt weet wat je doet.”

 

Tot op een moment geleden voelde ik alleen nog maar krachtinspanning en moeite, niets ontspanning en meditatie, maar na een dik halfuur yoga voel ik me wel een stuk losser en mijn hoofd is inderdaad leeg geraakt. We schudden ons los en wisselen voorzichtig wat ervaringen met elkaar. Anja adviseert ons niets te zeggen, maar als we dat wel willen, vooral zachtjes en rustig te spreken zodat ons lichaam in de ‘open stand’ blijft verkeren.

 

We verleggen onze matjes van een halve maan naar twee rijen van zes achter elkaar en voor elke rij staat een aantal kaarsen. Ada geeft ons ademhalingsritmes en ontspanningstips. De muziek wordt luider maar rustiger. We sluiten onze ogen. Ik voel wel een rust over me heen komen, maar merk dat ik te veel met de omgeving bezig ben. Een zuchtje, een kraakje en ik ben afgeleid. “Doe je ogen open en staar dromerig in de vlam van de kaars voor je”, zegt Ada met een haast slaapverwekkende intonatie. “Ik zeg verder even niets en voorzie dat jullie vanzelf in een meditatieve staat komen.”

 

Het is een aantal minuten stil. Zachtjes slaat Ada op haar gong en ‘ontwaakt’ zeker de helft van de groep, maar mij niet. Ik was niet echt weg, ik keek naar de vlam maar kan de rust niet vinden om mezelf hier, met elf andere cursisten om me heen, te laten komen tot een volmaakte vorm van ontspanning en overgave. Ada begeleidt ons door nog tal van ontspannings- en ademhalingsoefeningen, tot we na twee uur weer in de wachtkamer staan.

 

We krijgen tips mee om dit thuis vooral vast te houden en wanneer je wilt thuis te herhalen. Gewoon een punt in je zicht pakken, op je ademhaling letten maar vooral nergens aan denken. Het lijkt me zo fijn om echt tot die totale ontspanning te komen maar ik merk dat ik er niet voor in de wieg gelegd voel. De yoga vond ik stiekem best fijn, vooral fysiek ontspannend. De connectie met het spirituele ontging me helaas maar ik wil, mede door deze ervaring, best eens verder zoeken naar de totale ontspanning middels meditatie.”

 

Reflectie

 

Daar gaan we dan, voor de tweede keer proberen in een staat van volledige ontspanning te komen. Een echt evenement is het niet geworden;  ik koos voor een cursus. Ik zou dan in elk geval een sprekende ervaring rijker zijn die ik op papier kan zetten, en niet een van de honderden bezoekers zijn van een beurs en zelf op zoek moeten naar actie en wellicht falen.

Ik ging weer met een open vizier de sessie in en liet geen enkele ruimte bestaan voor terughoudendheid of schaamte.

Ik viel qua verrassingsfactor als jongere man meteen in de smaak bij de docente, die het wel eens leuk vond in elk geval een man te kunnen doceren.

Ik deed gewoon mee met de groep vrouwen en een tienerjongen. Mijn taak was niets anders dan objectief verslag doen van de zoveelste variant van de hype yoga. Dit keer met meditatie erbij dus. Ik merkte wel dat ik me door Willem Scheepers al enigszins ervaren voelde, en wachtte al op de twee gongslagen.

Het bleek een heel ander soort meditatie dan Zen. Er werd regelmatig doorheen gesproken door begeleidster Ada. Heel zachtjes, dat wel. We moesten tussendoor verzitten en weer andere houdingen aannemen, maar alles wel in een soort van ritme.

Ik voelde dat ik me het best een soort recenserende rol moest aanmeten en maar gewoon mee moest doen. Helaas wierp deze sessie niet de gewenste vruchten af. Minder dan de zen-meditatie  in ieder geval. Al met al was het weer erg leuk en leerzaam om meegemaakt te hebben.

 

 

 

 

— Uiteindelijke conclusie van het vak Religie en Narrativiteit —

 

Mijn kijk op het fenomeen ‘religie’ is niet zozeer veranderd, maar ik ben wel wijzer geworden en heb veel concrete kennis opgedaan en verbanden kunnen leggen. Alle religies lijken in feite hetzelfde na te streven, maar lijden mijns inziens vaak aan een hardnekkige vorm van eenkennigheid, arrogantie en koppigheid, waardoor de verschillen des te meer zichtbaar worden.

Tagged with:
 

Comments are closed.

Set your Twitter account name in your settings to use the TwitterBar Section.